Het viel me gelijk op dat er geen gedode soldaten meer rondlagen? Zo snel als mogelijk keerde ik terug naar de plek waar ik Dwenger had achtergelaten. Hij was blij toen ik hem vertelde dat de Amerikanen aan het vertrekken waren.

We keerden terug en melde de kapitein dat de Amerikanen inderdaad de bunkers verlaten hadden. De volgende dag nam de kapitein en zijn kleine staf bezit van de verlaten bunker. Aan de voorkant van de bunker hadden de Amerikanen onze gedode kameraden in een rij neergelegd en lakens over ze heen gelegd. Maar er lagen ook nog gesneuvelde Amerikanen tussen. De Amerikanen hadden verboden munitie gebruikt, gezien de de enorme uitgang wonden ter grootte van een eetbord op Liebetrau zijn rug.

De bunker was nog altijd volledig gevuld met provisie. Voldoende eten (zelfs bacon), eieren, chocolade etc. Er was zelfs warm water, dat we gebruikten om een bad mee te nemen. Ik deed proper Amerikaans ondergoed aan.

Later op die dag vernam ik dat onze peloton leider gewon was geraakt en dat voor de komende dagen ik zijn positie moest innemen. In de door de Amerikanen voorheen bezette bunker, bevond zich nu ook de kapitein, deze gaf orders aan onze eenheden maar was er niet erg goed in. We kregen weinig aanvoer van goederen omdat de wegen zo onbegaanbaar werden. Mijn gedachten waren altijd bij mijn mannen en hoe het met ze ging.

Drie dagen later werden negen man opgeroepen. Ze moesten de Amerikaanse achterblijvers aanpakken die op onze boodschappers bleven schieten. We patrouilleerden door de hele omgeving en zochten overal waarbij individuele Amerikaanse soldaten blij waren dat we ze vonden. Ze waren eerst bang, blijkbaar ‘gebrainwashed’ dat we allemaal gevaarlijk waren. Van de Duitse soldaten met lichte verwondingen verscholen er zich ook veel in het gebied rondom, vele werden er van verdacht zich zelf verwond te hebben.

Tot aan het dorpje Schönfeld was het vrij rustig, Amerikaanse weerstand in de dorpjes eromheen was zwak. Soms hadden we interessante voorvallen. Bijvoorbeeld in een pastorie. Ik was het huis aan het doorzoeken en ging naar de keuken. Alles was schoon achtergelaten. Op een kookplaat bij het raam stond een platte pot gevuld met melk. Ik zette mijn aanvalsgeweer (Sturmgewehr 43) neer en dronk voorzichtig van de romige melk. Toen hoorde ik opeens geluiden op de eerste verdieping..

Ik zette voorzichtig de pot neer, pakte mijn wapen en bewoog me stilletjes naar de trap en ging omhoog. In een kamertje met een raam kwam ik een Amerikaanse soldaat tegen, hij zat in de stoel van de pastoor. Een been had hij neergelegd op een andere stoel. Op zijn borst droeg hij een gewondenkaart met zijn naam en eenheid. Zijn been was geraakt door een projectie en was er doorheen gegaan en was behandeld door een hospik. Ik ging er vanuit dat zijn kameraden hem laten wilden komen oppikken. De Amerikaan trok gelijk een pakje sigaretten tevoorschijn en zei “You want a smoke?”

Ondanks dat ik een nietroker was pakte ik er eentje uit en hij gaf me een vuurtje. Zo te zien was hij een officier en zag er verzorgd en netjes uit. Ik zei tegen hem in mijn beste Engels dat er net een Duitse Sanka-Wagen (medische ambulance) was gearriveerd om Duitse gewonden op te pikken.

“I come back”, zei ik tegen hem en liep snel de trappen af om de verplegers aan te spreken. Ik vertelde ze over de gewonde Amerikaanse soldaat, die ze erna voorzichtig naar onderen brachten richting de vrachtauto. In de truck zittend lachte de Amerikaan naar me en knipoogde terwijl hij nog zei ”Good luck”.

We verbleven twee dagen in een dorpje omwille van het langzame doortrekken van eenheden over het riviertjes de ‘Ourthe’. We zochten alle huizen in de omgeving af en maakten het ons erna comfortabel. We wasten ons en maakte de wapens schoon. Naast het huis waar we verbleven (in een bocht naast de hoofdweg) stond nog een groot huis, behoorlijk geraakt door artillerie.

De trap was er vernield en hing omlaag in stukken. Het irriteerde mij dat ik sommige ruimtes niet kon inspecteren, daarom hing ik mijn wapen over mijn rug en met veel moeite kroop ik de kapotte trap op. Eenmaal boven waren er een aantal kleine kamertjes met daarin enkele houten bedden. In de laatste kamer ontdekte ik twee gewonde Amerikanen, eentje lag op een bed. Naast deze twee stonden enkele negroïde hospikken, ze droegen allemaal een helm met een groot rood kruis. De mannen waren er lang en keken me aan, staken hun handen in de lucht. De negroïde hospikken waren nogal angstig, keken mij met grote ogen aan. Ik zei “Hello, how do you do?” Ik tilde de deken op van de Amerikaan in het bed en vroeg “ You ver-wounded?”

Ik liep naar het andere bed en tilde ook de deken op. Ik liep terug naar de trap en riep “we hebben hier twee gewonde Amerikanen!” Natuurlijk, niemand kon me horen, maar ik deed net of ik niet alleen was en mijn kameraden beneden aan het wachten waren.. Ik liep terug naar de twee grote negers en zei tegen beide dat ze hun handen moesten laten zakken.

“You make ready”, zei ik en wees naar de beide gewonden. Toen klom ik terug naar beneden. Niemand van mijn kameraden geloofde mij toen ik zei dat er zich nog vier Amerikanen bevonden onder het dak van het huis. We moesten een houten stelling bouwen om ze eruit te krijgen, kregen ze verdere medische behandelingen en werden verplaatst weg van het front.

Aan de andere kant van de tijdelijke ponton brug over de Ourthe lagen veel dode Amerikanen, hun gezichten waren ondertussen gelig van kleur geworden. Blijkbaar hadden onze tanks hier elke weerstand gebroken. We naderden Manderfeld, Schönberg in de richting van St.Vith.

Langzaam trokken we op van dorpje tot dorpje. Drie hele dagen lang waren we blootgesteld aan de elementen tot we eindelijk het stadje bereikten. Raket lanceerders (Screaming mimies/Nebelwerfers) stonden achter ons en vuurden over onze hoofden, het was een echte hel, een gevoel dat ik nog nooit gevoeld had.. de tanks starten hun motoren en wij begonnen onze aanval.

De Amerikanen vormden een defensieve ring met hun tanks in de buitenwijken van het stadje, verscholen achter aarden wallen. Alleen hun torens staken uit. We omtrokken de wallen op rechts, waarna we de tanks konden aanvallen vanaf de zijkanten en achterkant. Individuele soldaten bewapend met ‘Panzerfaust’ of ‘Panzerschreck’ vernietigden in korte tijd vijf tanks. Los verspreide tanks werden ook vernietigd en stonden als stille wrakken op de weg. In een tank kijken vanuit de commandant koepel was een verschrikkelijke openbaring..


Eenmaal in de stad St.Vith ontmoette ik enkele mannen van mijn compagnie. Ze vertelden mij dat onze compagnie commandant zwaar gewond was en zich bevond in het hospitaal van het stadje. Het hospitaal was totaal afgeladen met gewonden, ook de Amerikanen hadden er al hun gewonden gebracht. De stad stond vol met achtergelaten Amerikaans materiaal en werden we gepromoveerd tot ‘buitgemaakt materiaal commando’, om zoveel als mogelijk Amerikaans materiaal te bergen.

Veel Amerikanen werden in de omgeving van St.Vith gevangen genomen, veel waren totaal gedemoraliseerd. Als we gewonde Amerikanen tegen kwamen behandelden we ze gelijk onze eigen gewonden. Onze hospik maakte geen uitzonderingen.

Het snelle succes bij het innemen van het stadje bracht bij ons een mate van zekerheid terug. Er van uitgingen dat alles toch nog goed zou komen. Echter, op deze dag tijdens kerstmis hadden we eigenlijk al in Antwerpen moeten zijn.. Het was een beetje wazige dag..

Toen hoorden we rommelende geluiden van naderende vliegtuigen, omhoog kijkend herkende ik het vallen van ‘kerstbomen’.. markers voor de bommenwerpers die volgden..

Een fluitend geluid vulde de lucht en ik riep zo hard als ik kon “red jezelf onder de Amerikaanse tanks!’ Ik gooide mijn koppel met kit af en dook weg in een flits.. valk erna, dit gevoel zal ik nooit kunnen vergeten.. Zo moet het wel zijn als de wereld vergaat.. de tank schokte op en neer gelijk een speelgoed autootje..

Nu lag ik daar, angstig onder een Amerikaanse tank, biddend tot god om mij nog een keer te helpen. Ik bad “slechts nog deze ene keer, deze ene keer”. Ik besloot toen ook nooit meer te klagen over welk soort werk dan ook, als ik de oorlog overleefde ik nooit meer zou klagen over welk werk dan ook.. Met beide handen drukte ik tegen mijn oren en voelde me klein en hulpeloos. Ik denk nu nog vaak terug aan dat moment en probeer zo goed als mogelijk naar de beloftes van toen te leven.

Toen stopte het schudden en ik begon stemmen te horen, de stemmen riepen dat het bombardement voorbij was en we groeven onszelf uit vanonder de tanks, terug naar de vrijheid. Weg uit deze stad!

Overal stond het stadje in vuur, ook zonder maar enigszins te hebben gekeken naar hun eigen nog aanwezige soldaten. Alles was gebombardeerd, al het buitgemaakte materiaal, alle voorraden en benzine. Gelukkig voor vele gewonden waren deze de afgelopen dagen al geëvacueerd. We kwamen voorbij het hospitaal, vlammen sloegen uit de ramen, de arme gewonden die er nog waren… vrienden en vijanden waren samen het slachtoffer geworden..

Het dorpje dat we naderden op een heuvel was Roth. Steeds als we ons omdraaiden bij een beklimmen van een heuvel zagen we in de vallei rokende en brandende voertuigen. Amerikaanse vliegtuigen hadden ook onze eigen voorraden vernietigd. In het dorpje Roth zag ik ook Veld Maarschalk von Rundtstedt, samen met enkele officieren. Hij weigerde dat pakketjes van geliefden vanuit het thuisfront werden uitgedeeld. Een kameraad maakte enkele foto’s van onze groep en het voorval. Ook zagen we in Roth voor het eerst de Duitse straaljagers overvliegen, de nieuwe wonderwapens waar zoveel over gesproken werd.


De lucht was open getrokken en werd mooi blauw.. duizenden Amerikaanse bommenwerpers vulden de lucht. Ze vlogen in formatie op ongeveer 10.000 voet. We waren aan het bespreken welke stad vandaag zou worden vernietigd, opeens twee Duitse jagers vlogen in volle snelheid richting bommenwerpers en schoten raketten in de formaties.. De raketten ontploften en verschillende viermotorige bommenwerpers kwamen omlaag. Het leek alsof de Duitse jagers bijna geluidloos vlogen maar het geluid kwam erna, dit was de eerste en laatste keer dat we zoiets gezien hadden..

In Roth ontdekten we ook dode soldaten van de Waffen SS. Jonge mannen gelijk ons. Hun lichamen waren geplunderd en hun vingers afgehakt. We vroegen ons af wie zoiets deed. Bij een van soldaten stond zijn mond helemaal open en de kaak was kapot getrokken, blijkbaar om gouden tanden te verwijderen.

Het was bitter koud en sneeuw kraakte onder mijn laarzen. We marcheerden over de heuvels de ene kilometer naar de andere. Amerikaanse artillerie vuurde vaak en hielp ons er aan herinneren dat het front niet ver weg was. Soms vloog een V1 raket over ons hoofd richting de Amerikanen. We naderden het dorp Wanne, dat bestond uit een enkele weg en een paar huizen. Er was nergens een levensteken. We stonden ongeveer 50 meter voor een boerderij stil. We discussieerden over welke richting te volgen. Ik zei; ik ga naar de boerderij en kijk of ik iets kan vinden.

Ik draaide mij om en wilde gaan lopen, opeens, een projectiel ontplofte precies op de plek waar mijn kameraden waren blijven staan, door de druk van de ontploffing vloog ik tegen de grond, ik kwam snel terug tot mijn bewustzijn maar bleef liggen, ik keek naar een heldere lucht..

Ik draaide mijn hoofd en begon langzaam door te krijgen wat gebeurd was. Mijn kameraden met wie ik net nog gesproken en mee gelachen had lagen allemaal dood in de sneeuw. Ik voelde aan mezelf om te zien of ik niet droomde, ik sleepte mezelf enkele meter terug naar mijn kameraad Jonny Ernote en zag dat hij het achterste van zijn hoofd miste, het was duidelijk dat ze allemaal dood waren..

Ik kon niet terug staan en voor een kort moment wist ik niet waar ik precies geraakt was. Ik gleed over de sneeuw richting het huis en opende al liggend de deur en kon naar binnen kruipen. Er volgend meer explosies, allen min of meer op dezelfde locatie. Binnen in de boerderij kroop ik verder over de vloer naar een andere deur die toegang gaf tot de kelder, gelijk hoorde ik stemmen, er waren meer mensen aanwezig.

Met mijn hoofd eerst liet ik me trap afzakken, verschillende vrouwen begonnen te schreeuwen. “Mon dieu”, en staken enkele kinderen weg achter een houten krat. Ze keken mij allemaal aan en begonnen te bidden. Liggend op de keldervloer bemerkte ik dat drie schrapnel stukken in mijn rechterzijde waren binnengedrongen, gek genoeg voelde ik geen pijn. Een stemmetje in mijn achterhoof sprak stil: ‘oorlog spelen is voorbij. Mijn kameraden met wie ik vandaag nog samen was zijn er niet meer, voorbij en verleden tijd.’



Luftwaffe soldaten in afgedragen kit en uniformen kijken hun ogen uit over de massa aan materiaal achter gelaten door de Amerikanen in St.Vith.


Na inname door het 18. Volksgrenadier division beschrijft Poth hoe St.Vith werd gebombardeerd door de US airforce. Deze foto is van de inname van St. Vith terug door de Amerikanen in januari 1945 en laat de verschrikkelijke verwoestingen zien.


Klein Duits soldaten kerkhof ergens in bossen van de Ardennen, gesneuveld om nooit meer terug te keren voor een totalitair monster systeem.


Een Duitse hospik tussen Amerikaanse soldaten. Hospikken aan beide zijden maakten geen verschil bij gewonde soldaten tussen Duits of Geallieerd.


Een jonge soldaat van het 18. Volksgrenadier Division wijst de weg aan een aantal mannen in een halftrack. Omgeving St.Vith 1944. Aan zijn riem hangt een Amerikaanse zaklamp.


Deze foto hoort bij een serie van foto"s gemaakt door SS fotografen van een propaganda eenheid. De SS soldaten in deze serie poseren in stijl terwijl de vijand al lang nergens meer te bekennen was. De Amerikaanse voertuigen waren bij eerdere gevechten in brand geschoten en verlaten.

Toch zijn het deze fake foto's die meestal gebruikt worden voor ardennen offensief materiaal zoals boeken. Zelf nu ziet men liever naar de snelle tanks en halftracks plus goed aangeklede ss soldaten (toen al te zien in de Wochenschau) dan naar het echte gezicht van een afstervend leger van mannen in slechte uniformen, slechte kit, tekorten aan alles, te voet op de fiets of paard en kar.


Duits paarden gespan zit vast op een modderige weg ergens in de Ardennen, november-december 1944.


Een radioman van een Volksgrenadier divisie legt contact met andere eenheden. Op de achtergrond staat een soldaat op wacht. Ardennen offensief 1944.


Gevangen genomen gewonde Volksgrenadier in de Ardennen, begeleid door een Amerikaanse soldaat.