• TRUPPENFAHRRAD

Geen enkel leger in het verleden heeft zoveel fietsen ingezet gelijk het Duitse dit heeft gedaan tijdens de 2e wereldoorlog. Aantallen zijn onbekend maar deze belopen in de vele vele duizenden. In 1935 begon het leger fietsen te bestellen die moesten voldoen aan bepaalde voorwaarden. Op een paar kleine aanpassingen na (framenummers en een hendel aan het stuur tegen diefstal) waren dit feitelijk fietsen bestaande uit dezelfde onderdelen als burgerfietsen.

Voor het leveren werden contracten afgesloten met de grote fietsproducenten (Adler, Wanderer, etc.) binnen Duitsland. In de jaren erna volgende enkele wijzigingen; werden beugels, kistjes, ander grotere bagagedragers toegevoegd voor het kunnen transporteren van wapens, munitie en nog meer materiaal.


  • DRAHTESEL

De fiets ‘Drahtesel’ (draadezel) genoemd door de soldaten) was een gerespecteerd vervoermiddel binnen een leger dat in veel gevallen het vaak nog moest stellen met paard en wagen, de ‘benen’ wagen en met een tekort aan motorvoertuigen op alle fronten. De bekende benaming ‘Truppenfahrrad’, was trouwens een algemene benaming voor  alle  fietsen in gebruik binnen het leger.

Een fiets vroeg weinig onderhoud, was makkelijk te repareren, had een goede snelheid (bij een voldoende wegen netwerk), was geruisloos en konden meer materiaal meenemen dan alleen een voetsoldaat dat kon. Ook was het kunnen vertrekken vanuit een positie; kazerne, bivak enz. sneller dan een colonne voertuigen dit kon uitvoeren. Natuurlijk waren ook nadelen, bij slechte wegen/heuvelig landschap kwamen de soldaten amper voorruit en tijdens het fietsen was een plotseling gebruik van wapens onmogelijk.

 

  • TE WEINIG FIETSEN
Al vroeg tijdens de 2e wereldoorlog bleek dat alleen de grote fietsproducten niet konden voldoen aan de steeds hogere vraag naar fietsen door het leger. Naast de voorgeschreven modellen werden feitelijk alle geproduceerde fietsen aan het leger uitgeleverd en begon het leger ook contracten af te sluiten met kleinere fietsproducenten. Werd het kunnen kopen van een fiets door burgers moeilijker gemaakt en later zelfs niet meer mogelijk zonder een speciale vergunning.

Naargelang de oorlog voortduurde werden ook contracten afgesloten met fiets fabrikanten uit de bezette gebieden, werden verordeningen opgemaakt voor het inleveren van (heren) fietsen door de burgers in Duitsland zelf en in de bezette gebieden. Maar ondanks al deze inspanningen waren er nooit genoeg fietsen!

De meeste van deze fietsen kwamen nooit meer terug, bleven achter ergens op het front, voormalig bezet gebied, werden (op)gebruikt door de bevolking, of werden gewoon verschroot.

  • HERENFIETSEN
Op originele foto’s zie je voornamelijk een gebruik van allerlei soorten herenfietsen. Voorgeschreven waren herenfietsen met 28 inch wielen en een frame van 55cm. Damesfietsen werden zelden gebruikt omdat deze een minder robuust model frame hadden en missen de belangrijke draagstang, waar ook weer vaak wapens aan werden bevestigd of munitie. Fietsen nieuw uit de fabriek mochten alleen nog in zwart geleverd worden, zonder/minimaal de chromen of vernikkelde onderdelen, verboden door de partij, een bezuinigingsmaatregel op zeldzamere metalen.

  • AANPASSINGEN
Veel fietsen werden aangepast door soldaten binnen speciale eenheden ‘Waffenmeister'  genoemd, deze overspoten de fietsen indien nodig, maakten onderdelen voor de fietsen, verwijderden overbodige zaken zoals jas/ketting beschermers en gaven ze een maandelijkse inspectie. Normaal onderhoud moest door de soldaten zelf uitgevoerd worden. Speciale aanpassingen op de fietsen waren b.v.:
  • Beugels op het stuur voor het plaatsen van een (opgerolde) winterjas, soldatentent of poncho
  • Beugels aan het voorwiel en stuur voor een enkele of twee Panzerfausten
  • Metalen kist aan het frame voor drie handgranaten, mg munitie kist of hospik verbandspullen
  • Beugel aan het frame voor het bevestigen van een K98 karabijn, Sturmgewehr of MG
  • Open vierkant houder waarin een enkele ‘Teller’ (antitank) mijn kon worden vervoerd
  • Grotere bagagedragers waar meer materiaal op geplaatst kon worden
  • Gebruik van talloze riempjes om materiaal mee vast te gespen


  • WIE KREEG FIETSEN ?

Fietsen werden aan vele verschillende eenheden geleverd, vaak daar waar een tekort was aan motorvoertuigen. Ook de Luftwaffe Felddivisionen (opgericht vanaf midden 1942) kregen maar weinig motorvoertuigen toegewezen en vaak was het enig toegewezen vervoermiddel (naast paard en kar) een fiets.


  • TACTISCHE HERKENNING

Om herkenbaar te zijn voor andere leger eenheden werden op de achterkant van de fiets (spatbord) tactische eenheid symbolen aangebracht. In de vorm van een cirkel met dichte en open vlakken. Vaak werd ook nog wel een eenheid of soldaten nummer toegevoegd. Een enkel keer zie je zelfs een symbool van de eenheid aangebracht.


  • LICHT DIMMERS

Om minder op te vallen tijdens verplaatsing in de avond/nacht werden vaak de voorlichten gedeeltelijk gedimd (gelijk bij de motor voertuigen) d.m.v. kapjes. Dit klinkt nu in onze wereld van overal aanwezige verlichting en lichtvervuiling als overdreven, maar in de oorlogsjaren mocht er in Duitsland en de bezette gebieden geen licht meer zichtbaar zijn buiten zodra het donker werd (omwille vijandelijke vliegtuigen). Avonden en nachten waren daarom nog echt donker en was zelfs al het licht van een sigaret al op grotere afstand zichtbaar.


  • ONZE DRAHTESELS
Omdat nog geen enkele (bij ons bekende Duitse uitbeeldende) ww2 re-enactment groep de fiets had aangegrepen als authentiek vervoermiddel binnen de uitbeelding en wij dit een flink gemis vonden, hebben wij wel periode fietsen als onderdeel van onze uitbeelding toegevoegd. Onze deelnemers met een soldaten uitbeelding binnen de club bezitten elk hun eigen fiets, dit zijn Duitse, Nederlandse en Belgische periode modellen.

  • KACKESCHIEBER
Duitse modellen zijn snel herkenbaar aan de typische voorrem, een hendel met stang en een rubberblokje dat bij inknijpen boven op de voorband werd gedrukt, ook wel 'Kakkeschieber' genoemd (kakschuiver). Dit nogal vreemd remsysteem werd gebruikt vanaf de jaren 30 tot in de jaren 60. Verder waren veel Duitse fietsen voorzien met een voorlamp die op een blokbatterij en dynamo kon branden en zat het achterlicht vaak aan de zijkant i.p.v. op het achterspatbord gemonteerd (een zogenaamd 'Strebenlicht' genoemd).

  • VEEL BEKIJKS
Op evenementen trekken de oude fietsen veel bekijks, veel oudere bezoekers herkennen de modellen en techniek nog van vroeger, gelijk hun eigen oude fietsen waar ze ooit op rondfietsten, altijd een leuk gespreksonderwerp.

Onderstaande Duitse fiets is van een deelnemer, een NSU gebouwd in 1938, tijdens de oorlog ingevorderd en gebruikt door een 'Sanitater' (veldpik, paramedicus) aan het front. De fiets is mooi gerestaureerd.