TRUPPENFAHRRAD



Een leger aan fietsen..


Geen enkel leger in het verleden heeft zoveel fietsen ingezet gelijk het Duitse heeft gedaan tijdens de 2e wereldoorlog. Aantallen zijn onbekend maar deze belopen in de vele veeele duizenden.

In 1935 begon het leger fietsen te bestellen die moesten voldoen aan bepaalde voorwaarden, uiterst gedetailleerd beschreven (OKW: VorschriftH.Dv. 293). Op een paar kleine aanpassingen na (framenummers en een hendel aan het stuur tegen diefstal) waren dit fietsen bestaande uit gelijke onderdelen als burgerfietsen. Voor het aanleveren werden contracten afgesloten met de grote fietsproducenten (Adler, Nsu etc.) in Duitsland. In de jaren erna volgende enkele wijzigingen op deze fietsen; werden beugels, kistjes, andere bagagedragers toegevoegd voor het kunnen transporteren van wapens, munitie en meer kit.

De fiets (‘Drahtesel’ genoemd door de soldaten) was een gerespecteerd vervoermiddel binnen een leger dat in veel gevallen het nog moest stellen met paard en wagen, de ‘benen’ wagen en een te weinig aan motorvoertuigen. De benaming ‘ Truppenfahrrad’, was trouwens een algemene benaming voor  alle  fietsen in gebruik bij het leger.

Een fiets vroeg weinig onderhoud, was makkelijk te repareren, had een goede snelheid (bij een voldoende wegen netwerk), waren geruisloos en konden meer materiaal meenemen dan een voetsoldaat. Ook was het kunnen vertrekken vanuit een positie: kazerne, bivak enz. sneller dan een colonne voertuigen dit kon uitvoeren. Natuurlijk waren ook nadelen, bij slechte wegen/heuvelig landschap kwamen de soldaten amper voorruit en tijdens het fietsen was een plotseling gebruik van wapens onmogelijk.

Al vroeg tijdens de 2e wereldoorlog bleek dat de grote fietsproducten niet konden voldoen aan de steeds hogere vraag naar fietsen door het leger. Naast de militaire modellen werden nu ook de burgermodellen (herenfietsen) uitgeleverd en begon het leger ook contracten af te sluiten met kleinere fietsproducenten en werd het kunnen kopen van een fiets (door burgers) moeilijker gemaakt en later in de oorlog zelfs niet meer mogelijk zonder een speciale vergunning. Weer later in de oorlog werden ook contracten afgesloten met fabrikanten uit bezette gebieden, werden verordeningen opgemaakt voor het inleveren van (heren) fietsen (opa’s fiets..) door de burgers (in Duitsland zelf en de bezette gebieden), maar toch ondanks al deze inspanningen waren er nooit genoeg fietsen!

De meeste van deze fietsen kwamen nooit terug, bleven achter ergens op het front, voormalig bezet gebied, werden gebruikt door de bevolking, of werden gewoon verschroot.

Op originele foto’s zie je een gebruik van allerlei (heren) fietsen. Damesfietsen werden zelden gebruikt omdat deze een minder robuust model frame hebben(ze missen de draagstang, waar ook weer vaak wapens aan werden bevestigd of munitie). Fietsen nieuw uit de fabriek werden alleen nog in zwart geleverd, zonder/minimaal chromen of vernikkelde onderdelen.

Bij fietsen zonder aanpassingen werd dit vaak alsnog gedaan door soldaten binnen speciale eenheden (‘Waffenmeister’), deze spoten dan de fietsen, maakten onderdelen voor de fietsen, verwijderden overbodige zaken zoals jas/ketting beschermers en gaven ze een maandelijkse inspectie. Normaal onderhoud moest door de soldaten zelf uitgevoerd worden.

Speciale aanpassingen op de fietsen waren b.v.

  • Beugels op het stuur voor het plaatsen van een (opgerolde) winterjas, soldatentent of poncho
  • Beugels aan het voorwiel en stuur voor een enkele of twee Panzerfausten
  • Metalen kist aan het frame voor drie handgranaten, mg munitie kist of hospik verbandspullen
  • Beugel aan het frame voor het bevestigen van een K98 karabijn
  • Open vierkant houder waarin een enkele ‘Teller’ (anti tank) mijn kon worden vervoerd
  • Grotere bagagedragers waar meer materiaal op geplaatst kon worden
  • Gebruik van talloze riempjes om materiaal mee vast te gespen

Fietsen werden aan vele verschillende eenheden geleverd, vaak daar waar een tekort was aan motorvoertuigen. Ook de Luftwaffe Felddivisionen (opgericht vanaf midden 1942) kregen maar weinig motor voertuigen toegewezen, met als redenen; ‘ dat ze toch alleen maar stationair zouden worden ingezet aan het front’. Toen de divisies aan het Westfront zich toch moesten gaan verplaatsen, o.a. door de invasie in Normandië (juni 1944), kregen ze grote aantallen fietsen toegewezen als vervoermiddel.

Zo waren er voor het opvangen van vijandelijke parachutisten aan de kusten en achterliggende gebieden Felddivision eenheden met alleen fietsen voorzien. De zogenaamde Aufklarer (verkenner) eenheden binnen het 18. LuftwaffeFelddivision(onze uitbeelding) hadden ook fietsen toegewezen gekregen.

Om herkenbaar te zijn voor andere leger eenheden werden op de achterkant van de fiets (spatbord) tactische eenheid symbolen aangebracht. In de vorm van een cirkel met dichte en open vlakken. Vaak werd ook nog wel een eenheid of soldaten nummer toegevoegd.

Om minder op te vallen tijdens verplaatsing in de avond/nacht werden vaak de voorlichten gedeeltelijk gedimd(gelijk bij de motor voertuigen) d.m.v. kapjes. Dit klinkt nu in onze wereld van overal aanwezige verlichting en lichtvervuiling als overdreven, maar in de oorlogsjaren mocht er in Duitsland en de bezette gebieden geen licht meer zichtbaar zijn buiten, zodra het donker werd (omwille vijandelijke vliegtuigen). Avonden en nachten waren daarom nog echt donker en was zelfs al het licht van een sigaret op grotere afstand zichtbaar.


Onze 'Drahtesels'

Omdat nog geen enkele (bij ons bekende Duitse uitbeeldende) ww2 re-enactment groep de fiets had aangegrepen als hun authentiek vervoermiddel en wij dit een gemis vonden, hebben we fietsen als onderdeel van onze uitbeelding toegevoegd. Later pas (na meer research) bleek dat het ook nog authentiek gezien perfect klopte. Leden met een soldaten uitbeelding binnen de club bezitten elk hun eigen fiets, dit zijn Duitse, Nederlandse en Belgische modellen.

Ondertussen hebben we al veel mooie reacties mogen ontvangen van bezoekers over onze fietsen, vooral van ouderen vaak een herkenning van iets uit een ver verleden, gelijk hun eigen fiets van toen.
 

Midden jaren 30 werden de eerste modellen fietsen speciaal voor de Wehrmacht geïntroduceerd. Deze fietsen verschilden in slechts enkele kleine details tegenover een gewone burgerfiets uit die tijd. Later werden ook speciale beugels, koffertjes en bagagedragers geïntroduceerd voor het kunnen dragen van wapens, munitie en kit op de fietsen.

Wat nu bij het woord 'Truppenfahrrad' wordt geassocieerd met een hierboven afgebeeld model was toen een al omvattende naam voor alle fietsen gebruikt in het leger.

Soldaten doen wekelijks onderhoud aan hun eigen fiets.


Soldaten van een Luftwaffe Felddivision eenheid laden hun fietsen op een trein, Frankrijk 1944.


Een jonge 'Funker' (radio operator) met zijn fiets.


Een Luftwaffe Felddivision infanterie eenheid met hun fietsen, Nederlandse kuststreek 1944.


Een Luftwaffe Felddivision soldaat met zijn fiets, Ardennen 1944. Bastogne War Museum.


Jonge soldaten met hun fietsen, voorzien van Panzerfausten, 1944-45.


Tactisch herkennings symbool voor een 'Radtruppen' (fietstroepen) eenheid. Dit werd geschilderd op het achterste spatbord.